Ga naar de inhoud

Les 1 C: Aanleggen en afvaren in de Middellandse zee

Achteruit aanleggen met het anker

Routeplanning

  • Bestudeer de Navily App en de pilot.
  • Meet met het meetinstrument op de kaartplotter of er voldoende ruimte is om voldoende ankerketting uit te gooien.

Manoeuvre voorbereiden

  • Controleer of de ankerketting met een dun lijntje aan de boot vastzit, om te voorkomen dat u de ketting en het anker kwijtraakt.
  • Bel de havenmeester om te vragen waar u de boot kunt aanmeren, of hij kan helpen met de lijnen en bij harde zijwind met een rubberboot.
  • Meet met het meetinstrument op de kaartplotter waar u het anker moet laten zakken. Gebruik zoveel mogelijk ketting, dus: lengte ketting + lengte boot – 5 meter marge vanaf kade.
  • Laat het anker niet zakken op een meer in de windse punt bij een dwarswind, maar altijd gewoon met een rechte hoek met de kade, omdat de wind kan draaien.
  • Bevestig de fenders aan beide zijden op juiste hoogte en 2 grote bolfenders op het achterschip.
  • Bevestig de achterlijnen op de kikkers.
  • Vaar langs om kettingen, de kade, bijbootjes van andere boten etc. te controleren en hulp te vragen aan iemand aan wal als er geen havenmeester is.
  • Als er niemand aan land is om te helpen en er liggen rotsen voor de kade, bereid dan de loopplank voor om aan land te gaan.
  • Activeer de ankerlier en verwijder de duivelsklauw / kettingstopper.
  • Als u een tender sleept, breng deze dan naar de boeg of vraag iemand om in de tender te gaan om te duwen indien nodig of hijs de tender aan dek.
  • Activeer tracking op de kaartplotter, zodat u later kunt zien waar u het anker heeft laten vallen als u het opnieuw moet doen.
  • Houd de boothaak gereed.
  • Haal de vlaggenstok weg, deze kan in de weg zitten.

Begin met manoeuvreren

  • Activeer de boegschroef
  • Manoeuvreer de boot naar de plek waar het anker moet vallen, met de achtersteven naar de kade.
    Stuur bij een zijwind de boeg iets tegen de wind in, om erop te anticiperen dat deze als eerste door de wind wordt weggeblazen.
    Houd ook rekening met schroefeffect. Probeer geen ketting te kruisen met andere boten.
  • Laat het anker voorzichtig zakken (eerste 1 meter ketting) en zorg ervoor dat het de romp niet beschadigt.
  • Stilliggend laat u het anker vallen totdat het de zeebodem bereikt en begint u achteruit te varen.
  • Als er geen plotter is, maak dan een achtergrondpeiling of dwarspeiling wanneer u het anker laat vallen, zodat u weet waar u het hebt laten vallen voor het geval u het opnieuw moet doen.
  • Gebruik handsignalen voor anker omhoog, omlaag of stoppen (Vuist).
  • De matroos geeft met handgebaren aan de schipper door hoeveel meter ketting er uitgegooid is.
  • Wanneer u dicht bij de kade bent, stop dan met het laten zakken van het anker en maak aan loef de achtertros vast.
  • Houd het achterschip vrij van de kade, eventueel met de motor vooruit.
  • Bevestig ook aan lijzijde de achtertros.
  • Haal het anker langzaam op en zorg ervoor dat het anker goed is ingegraven. Voel daarvoor de spanning op de ketting.
  • Als er deining of zijwind is, kan het soms goed zijn om kruislijnen/springen aan te brengen.

Afgemeerd

  • Breng de duivelsklauw-kettingstopper aan om de kracht van de ankerlier te halen.
  • Vraag hoe laat de buren vertrekken en zorg dat u aanwezig bent als ze vertrekken. Ze kunnen het anker ligten waardoor uw boot tegen de kade komt.
  • Pas op dat de loopplank niet klem komt te zitten tussen de boot en de kade (of iets op de kade), omdat dit de spiegel kan beschadigen. Soms kunnen veerboten de haven binnenvaren en een sterke deining veroorzaken.
  • Laat de sleutels in de motor zitten, zodat u of iemand anders de boot kan verplaatsen als het anker begint te slepen of als de buurboot uw anker ligt, omdat er kettingen zijn gekruist.

Afvaren

  • Verwijder de loopplank, elektriciteitskabel, vlaggenmast, duivelsklauw kettingstopper.
  • Haal eerst de lijwaartse achtertros.
  • Neem de achtertrs aan de loefzijde binnen terwijl u wegvaart en begin het anker op te halen.
  • Zorg ervoor dat de ankerketting zich niet opstapelt, zodat deze de ankerlier blokkeert, verdeel deze daarom in de kettingbak.

Aanleggen met Lazy-Lines

Manoeuvre voorbereiden

  • Fenders aan beide zijden op juiste hoogte en 2 grote bolfenders op het achterschip.
  • Bevestig de achtertrossen op de kikkers
  • Vaar langs de kade om de plek te inspecteren en vraag hulp aan iemand aan de wal.
  • De persoon die de lazy-lines en grondlijnen moet ophalen, moet handschoenen gebruiken, aangezien de lijnen vuil zijn en scherpe schelpen bevatten.
  • Als u een tender sleept, breng deze dan naar de boeg of vraag een bemanninglid om de tender te besturen om te duwen indien nodig of hijs de tender aan dek.
  • Houd de boothaak gereed.
  • Haal de vlaggenmast weg, deze kan in de weg zitten.

De manoeuvre

  • Activeer de boegschroef (maar wees voorzichtig bij het gebruik ervan, omdat de lijnen in de boegschroef kunnen komen).
  • Manoeuvreer de boot naar de plek, met de achtersteven naar de kade. Richt bij zijwind de boeg iets tegen de wind in, om er op te anticiperen dat de boeg als eerste wordt weggeblazen. Houd ook rekening met het schroefeffect.
  • Bevestig de loefwaartse achtertros.
  • Houd indien nodig het achterschip vrij van de kade met de motor langzaam naar voren, maar let op dat de lijnen niet in de schroef komen.
  • Pak de lazy-lijn aan de loefkant met de boothaak en bevestig de grondlijn op de kikker op het voordek.
  • Bevestig de lijwaartse lazy- en grondlijn.
  • Bevestig aan de lijzijde ook de achtertros.
  • Soms is het nodig om de afstand tussen de boot en de kade te finetunen. Geef hiervoor wat speling op de achtertrossen en haal de grondlijnen op de boeg binnen en trek als laatste de achtertrossen weer aan. Zorg voor zoveel mogelijk ruimte, maar net genoeg om via de loopplank aan land te gaan.
  • Als er deining of zijwind is, kan het soms goed zijn om kruislijnen/springen aan te leggen.

Afgemeerd

  • Pas op dat de loopplank niet klem komt te zitten tussen de boot en de kade (of iets op de kade), omdat dit de spiegel kan beschadigen.

Afvaren

  • Haal de loopplank, elektriciteitskabel en vlaggenmast weg.
  • Neem de lijwaartse achtertros weg en laat de grondlijn aan lijzijde in het water vallen
  • Laat de loefwaardse gondlijn in het water vallen, wacht tot deze op de zeebodem is gezonken zodat deze niet in de propeller terechtkomt en ga vooruit.
  • Neem tijdens het wegvaren de loefaìwaardse achtertros binnen. De stuurman moet controleren of de lijn niet vastkomt aan was tijdens het wegvaren.